Frans Stienen, partner bij: Helmond - Brandevoort

Frans Stienen; wethouder Stedelijke Ontwikkeling, Volkshuisvesting en Grondbedrijf, Helmond

“Ook in moeilijke tijden willen Kalliste en de gemeente de kwaliteit handhaven”

In de jaren 70 en 80 waren we een groeistad en hadden we feitelijk maar één doelstelling: snel veel woningen realiseren. Pas later kwam het besef dat we ook een ander segment moesten bedienen en dat we als we de middenklasse aan Helmond wilden binden, ook kwaliteitswijken moesten ontwikkelen. Op basis daarvan ontstond Dierdonk; wat direct een succes bleek. Dat inspireerde ons om ook aan de andere kant van Helmond een bijzondere wijk te realiseren. Margot van Niele is daar vanaf het prille begin bij betrokken geweest en heeft ons daar heel creatief en constructief in begeleid. Zo ontstond Brandevoort; een nieuwbouwwijk als een klassieke nederzetting op de rand van stad en landschap. Je proeft hier de sfeer van Heusden, Amsterdam en Oirschot. Het is een uniek concept, dat zijn waarde bewezen heeft.

Brandevoort trok veel mensen uit Eindhoven uit het segment dat we beoogden. Maar de hele ontwikkeling bleek daarmee ook zeer conjunctuurgevoelig. Dat merken we nu. De kern van Brandevoort, De Veste, zal echter volledig ontwikkeld moeten worden. Ook als de markt tegen zit. Stoppen is geen optie binnen dit plan. Dat betekent dat we nu in een spanningsveld opereren. Maar voor zowel de gemeente Helmond als voor Kalliste staat als een paal boven water dat we door moeten en dat de kwaliteit gehandhaafd moet blijven. Ook nu omliggende dorpen op dezelfde markt concurreren en de vraag door de crisis beduidend kleiner is, moeten we doorgaan. Samen kijken we hoe dat moet. Bijvoorbeeld bij de Pioniers van Reduit dat nu door Kalliste in de markt gezet wordt. Daar heeft Kalliste de hoogte van de woningen iets aangepast, maar de kwaliteit onverminderd hoog gehouden. Dat zie je duidelijk terug.

We moeten ook iets leren van de omslag in de markt die we mee hebben gemaakt. Onze bestemmingsplannen moeten we veel flexibeler maken. Die bestemmingsplannen zijn nu volledig dicht geregeld. Dat terwijl er een tijdspanne van wel acht jaar zit tussen het maken van de plannen en het in de markt zetten. Het bestemmingsplan van nu is veel te rigide terwijl de huidige tijd om flexibiliteit vraagt. Een gemeente als Almere heeft een voortrekkersrol in meer flexibeler bestemmingsplannen en ook de ministeries zijn er mee bezig. Dat is nodig. Zowel de gemeente als ontwikkelaars zullen moeten bewegen om een antwoord te formuleren op de woningmarkt van vandaag. Ik weet dat Kalliste de dynamiek en creativiteit in zich heeft om die beweging te maken. Dat moet er nu uitkomen. Tegelijkertijd moedig ik mijn ambtenaren aan hetzelfde te doen.