Flexibele mobiliteitsoplossingen

(Auto)delen is het nieuwe bezit
Op het gebied van mobiliteit is een flinke aardverschuiving gaande. Verstedelijking, digitalisering, elektrisch rijden en nieuwe partijen als Uber, Google en Tesla veranderen in rap tempo het landschap. Maar we zien ook dat parkeernormen worden aangescherpt, parkeervergunningen niet meer worden afgegeven en gemeenten ontwikkelaars opleggen om vooral met innovaties te komen. Innovaties die vandaag al werken. Dat vraagt om een andere kijk op mobiliteit. Athlon, leasemaatschappij en mobility provider, is ver als het om nieuwe flexibele mobiliteitsoplossingen gaat. Richard Ninaber van Eyben, mobility consultant bij Athlon vertelt: “Nieuwe mobiliteitsoplossingen introduceren, zoals autodelen in een wijk, voor een appartementencomplex of op een bedrijventerrein kan eenvoudig. De techniek is er en werkt optimaal. Maar het wordt pas een succes wanneer mensen er gebruik van maken. Want de techniek kan wel werken, het gaat hier om gedrag! Gaan jij en ik straks auto’s delen? In datzelfde stramien passen ook vervoermiddelen, zoals een fiets of scooter. Al dan niet elektrisch. Mensen moeten de stap maken van bezit naar gebruik.”

 Andere reisvormen omarmen
“Stel je hebt een parkeeruitdaging. Hoe ga je het beperkte aantal parkeerplekken toch efficiënt gebruiken? Hoe faciliteer je de bewoners dan? Door gericht te sturen op andere vormen van mobiliteit en aanbod te creëren. Dat gaat meestal niet zonder slag of stoot. Mensen laten de auto pas staan als dat reistijd scheelt. Of als het relaxter is om met de fiets te gaan. Eerder niet. Het is onze kracht dat we weten hoe we bewoners in zo’n proces moeten meenemen. Dat kost tijd, maar dan gaan mensen een deelauto of andere reisvorm ook echt omarmen”, zegt Ninaber van Eyben.

 Deelauto’s op- en afschakelen
"Nieuwe mobiliteitsvormen vraagt dus om ander gedrag. Mensen moeten de techniek ervaren, moeten plannen. We weten dat zoiets een aanloopperiode kent. Door mensen aan de hand mee te nemen en ze te laten zien hoe eenvoudig het gebruik van de deelauto werkt zal dit aantal snel groeien. Athlon kan snel op- en afschakelen met het aantal deelauto’s. Dat maakt het interessant om ‘gewoon’ te beginnen. Wij weten op voorhand niet of je voor 40 appartementen moet starten met 2, 5 of 10 auto’s. De praktijk leert het ons. Je kunt de inzet van deelauto’s ook goedkoper maken. Bijvoorbeeld door te kiezen voor een kleinere auto of auto een van maximaal 3 jaar oud. Na verloop van tijd kunnen we zien welk soort deelauto’s er het meest worden gebruikt. Is dat de goedkoopste of juist die hele luxe variant? Hier kun je je aanbod op aanpassen. Maar we kunnen ook verder kijken. Denk aan deelfietsen of –scooters. Is een rit 6 kilometer uit en thuis, dan is een fiets een logischer vervoermiddel dan een auto. Flexibel denken, willen leren, ontwikkelen en openstaan voor alle opties, dat is wat Athlon inbrengt in de samenwerking met vastgoedontwikkelaars, investeerders, bewoners, bouwers en architecten. Door die samenwerking met de verschillende partijen komen we tot nieuwe, nog betere oplossingen”.

Denk vooruit
“Bij het vormen van mobiliteit is het belangrijk om in te zoomen op de toekomst. Nu ervaren wij dat bij lokale overheden de beleidsmedewerkers zich realiseren dat een complex pas wordt opgeleverd in 2023 en dat we qua mobiliteit moeten zoeken naar wat er dán kan. Terwijl de projectbegeleiders van diezelfde gemeente zich strikt houden aan de plannen van nú met de mogelijkheden van 2017. Die discrepantie is niet van deze tijd en wordt weggenomen door met de ontwikkelaar en Athlon aan tafel te gaan. Dit faciliteert het maken van de juiste keuzes nu, voor de werkelijkheid van dan.”

Veranderende mobiliteitsmentaliteit
We zien dat de mobiliteitsmentaliteit al veranderd. Zo raakte een projectontwikkelaar in Amsterdam die in het centrum parkeerplekken heeft gerealiseerd - de parkeernorm op de betreffende locatie ging bij opdrachtverstrekking van 0,9 naar 1,5! – het merendeel van de parkeerplaatsen aan de straatstenen niet kwijt. De mentaliteit van de Amsterdammers die in het centrum wonen is al anders. Die beginnen bij het openbaar vervoer en nemen alleen de auto als het niet anders kan. Terwijl de meeste mensen buiten de stad precies andersom denken. Dat zijn precies de dingen waar we rekening mee moeten houden. Dus moeten we samen blijven pionieren, zodat straks elke bewoner de beste mobiliteitsoplossing kan kiezen. Van nice to have naar need to have. Wij staan open voor die dialoog”, aldus Richard Ninaber van Eyben.